Met de Thomas-test snel en eenvoudig je heupflexie meten

De Thomas-test is een methode om de flexibiliteit van je heupbuigers te meten. Je heupbuigers bestaan uit de iliopsoas-spiergroep die onder andere de rectus femoris, de pectineus en gracillis omvat. Maar hoe betrouwbaar is de Thomas-test eigenlijk? En hoe voer je ‘m uit?

Is de Range of Motion van je heupbuigers beperkt? Dan kan dit zorgen voor pijn in de onderrug. Maar ook leiden tot bepaalde vormen van artritis.

Hoe doe je de Thomas-test?

Bij de Thomas-test ligt de persoon in kwestie op een (behandel)tafel, bankje of plyobox. Het zitvlak bevindt zich aan de rand.

Allereerst worden beide knieën richting de borst gebracht. Vervolgens wordt het ene been passief gestrekt. De knie van het andere been blijft gebogen, richting de borst. De lengte van de iliopsoas wordt gemeten door de hoek van de heupflexie te bekijken. Is de psoas “kort”? Dan hangt het uitgestrekte been niet parallel aan de tafel. Maar iets daarboven. Ook kan het zijn dat iemand zeer flexibel is. Dan hangt het been ver naar beneden. Gedurende de Thomas-test moet de lumbale wervelkolom vlak zijn en in contact met de tafel blijven.

Positieve of negatieve Thomas-test

Om precies te zijn is de Thomas-test negatief wanneer de onderrug van persoon en het heiligbeen op de tafel kunnen blijven. Het is mogelijk om de heup 10 graden naar achteren te kantelen of 10 graden heupextensie te maken. De knie kan 90 graden buigen. De Thomas-test is positief wanneer de persoon zijn of haar onderrug en heiligbeen niet tegen de tafel kan houden. De heup heeft een grote achterwaartse kanteling of heupextensie van meer dan 15 graden. Of de knie kan niet meer dan 80 graden flexie opvangen.

Strakke heupbuigers per definitie slecht?

Het heupgewricht is een kogelgewricht dat het scharnierpunt is tussen de kop van het dijbeen en de heupkom van het bekken. Heupbuigers of heupflexors zorgen ervoor dat je kunt wandelen, traplopen, squatten en met je heupen kunt draaien. Dat iemand strakke heupbuigers heeft, wil niet zeggen dat dit automatisch een probleem is. Bij sommige sportdisciplines kunnen strakke heupbuigers ‘van pas komen’. Denk aan wielrennen of hardlopen. Vaak zit pijn of irritatie bij mensen die klachten ervaren dan ook niet in strakheid of stijfheid, maar juist in het feit dat de heupbuigers niet of nauwelijks worden getraind. Alles draait om balans.

Bedenker Thomas-test

Het is dokter Hugh Owen Thomas naar wie de Thomas-test is genoemd. Thomas was een Britse orthopedisch chirurg die zich bezighield met heupflexie en het psoas-syndroom. Symptomen hiervan zijn stijfheid en een ‘knakkend’ gevoel wanneer het bekken wordt gekanteld. Beter bekend als de ‘snapping hip’. Beide problemen komen vaak voor bij dansers, hardlopers en (turn)atleten. De Thomas-test wordt tegenwoordig veelvuldig door fysiotherapeuten toegepast om de flexie van de heupbuigers te meten. Toch is er nog niet heel veel onderzoek gedaan naar de meetmethode. Meer onderzoek is nodig om de betrouwbaarheid van de Thomas-test te bepalen.

Oefeningen na de Thomas-test

Heb je de Thomas-test gedaan? En heb je het idee dat je psoas strak of onderontwikkeld zijn? Dan kun je baat hebben bij bepaalde oefeningen, zoals ‘leg lift over block’ en ‘standing hip rotations (CARs)’. Ook doe je er verstandig aan om verder te kijken en je niet alleen te focussen op je heupbuigers. Als je klachten ervaart, zoals lagerugpijn wat vaak geassocieerd wordt met strakke heupbuigers, dan kan dit ook ergens anders vandaan komen. Zoals onderontwikkelde glutes (bilspieren) of een zwakke core. Laat je daarom adviseren door een professionele Yogability-instructeur.

2 oefeningen voor je psoas
1. Met de ‘leg over block’ uit ons boek Functional Yoga: fysiek en mentaal fit, versterk je je heupbuigers
Met Standing Hip Rotations (CARs) houd je je heupgewricht gezond

Lees ook:

Chat openen
Hallo 👋
Kunnen we je helpen?